Collonges la Rouge vaart wel bij marketing op dorpsniveau

 

In 1981 komt de burgemeester van Colonges la Rouge op een briljant idee. Om zijn dorp te promoten, legt hij de fundamenten voor een initiatief dat uitgroeit tot een krachtig marketingvehikel voor het Franse erfgoed op dorpsniveau: Les Plus Beaux Villages de France. Het rode dorp vaart er wel bij.

 

Collonge la Rouge, monumentendorp in de Limousin

Collonges la Rouge, één van de mooiste dorpen van Frankrijk, staat als een huis

 

Charles Ceyrac, burgemeester van Collonges la Rouge van 1965 tot kort voor zijn overlijden in 1996, beleeft zijn Eureka-moment als hij in de Franse editie van ‘Het Beste’ een selectie ziet van Frankrijks mooiste dorpen. Met zijn eigen Collonges als benchmark gaat hij in 1981 de boer op om zoveel mogelijk krachten te bundelen voor de bescherming en promotie van het Franse erfgoed op dorpsniveau.

De mooiste dorpen van Frankrijk

Het in 2012 gemoderniseerde logo van Les Plus Beaux Villages

Strenge criteria

De gepassioneerde burgemeester uit de Corrèze krijgt alom bijval. 66 collega’s sluiten zich bij het initiatief aan en op 6 maart 1982 wordt het logo van Les Plus Beaux Villages de France onder tromgeroffel gepresenteerd. Op dit moment mogen 156 dorpen, verspreid over 69 departementen, het logo dat in 2012 is gemoderniseerd, voeren.

Aantoonbaar draagvlak

Er kunnen nog steeds dorpen bij, maar de criteria zijn streng. Kandidaat-dorpen mogen niet meer dan 2000 inwoners tellen en moeten over ten minste twee officieel erkende rijksmonumenten beschikken. Er moet aantoonbaar draagvlak bestaan onder dorpsbewoners en raadsleden. Het eigen kwaliteitscomité, samengesteld uit leden, laat geen loopje met zich nemen.

 

Mede hierdoor, vermoed ik, komt de regio waar ik woon, de Limousin, er bekaaid af. Mijn departement, de Creuse, telt niet één uitverkoren dorp. De Haute-Vienne, ons buurdepartement, heeft er zegge en schrijve één: het bekoorlijke marktplaatsje Mortemart. De iets zuidelijker gelegen Corrèze heeft er vijf: Curemonte, Saint-Robert, Ségur-le-Chateau, Turenne en, uiteraard, Collonges la Rouge waar het feest begonnen is.

Dorpsroute van Parijs naar Cannes

De kring van burgemeesters timmert goed aan de weg. Ze houden een tweetalige website in de lucht, geven brochures en boekjes uit en organiseren promotie- en marketingevenementen. Onlangs nog startte vanuit Parijs een Route des Villages naar het Zuid-Franse Cannes, af te leggen per 2CV. Het deelnemersveld was met zeventien eendjes mager, maar dat mag de pret niet drukken.

Collonges la Rouges

Monumentenzorg en hedendaags toerisme houden Collonges op de been

Rood dorp op witte zandsteen

De rode bakermat van Les Plus Beaux Villages staat trouwens op witte zandsteen. De roodkleurige natuursteen komt uit nabijgelegen steengroeven. De oorsprong van Collonges (afgeleid van ‘kolonie’) ligt in de negende eeuw, als een naburige graaf er een vrijstaatje sticht om de dan geldende belastingen te ontduiken. Collonges weet zijn vrijstellingen en privileges uitzonderlijk lang te behouden. Dat werkt als een magneet op juridisch geschoolde notabelen. Daar voegen zich gaandeweg niet onbemiddelde geestelijken bij, want Collonges ligt op de pelgrimsroute naar het Spaanse Saint-Jacques de Compostella. Ook religie is marketing.

Rood dorp, gouden tijden

Het rode dorp groeit en bloeit dankzij de ijzeren combinatie van geestelijkheid en burgerlijke elite. Uit de rode zandsteen worden prestigieuze verblijven opgetrokken, waaronder een Romaanse kerk en diverse kasteeltjes en herenhuizen in renaissancestijl. Burgers en middenstanders ruiken geld en bouwen eenvoudiger optrekjes om de rijke kern heen. Van dezelfde rode steen. De zestiende, zeventiende en het grootste deel van de achttiende eeuw beleeft Collonges la Rouge gouden tijden.

Hoogmoed komt voor de val

Dan breekt in 1798 de Franse revolutie uit. In heel Frankrijk rollen koppen, ook in Collonges. Notabelen die aan de terreur weten te ontsnappen, verdwijnen voorgoed herwaarts. Als de rust weer enigszins is weergekeerd, blijkt er zonder hun inbreng weinig aan economische activiteiten op gang te brengen. Colonges vervalt tot armlastig plattelandsgemeenschap, de fraaie gebouwen ten spijt. De burgers verdienen nauwelijks genoeg om hun pronktorens te onderhouden. Het erfgoed dreigt af te brokkelen.

Begin twintigste eeuw treedt een kentering in. Frankrijk ontdekt de waarde van zijn erfgoed, er ontstaan betere verbindingen met het platteland, er komen bescheiden toeristische stromen op gang. De ‘Vrienden van Collonges’ weten fondsen te werven voor de nodige renovaties aan historische gebouwen. En dan is daar in 1981 burgemeester Charles Ceyrac met zijn gouden marketingvondst en netwerkkwaliteiten. Vandaag de dag schuifel je in het vakantieseizoen voetje voor voetje door de hellende straatjes. Het massatoerisme heeft het rode dorp in zijn armen gesloten.

Winkeliers en horeca varen er wel bij. Sommige inwoners zitten met de bokkenpruik op achter het stuur van hun auto als bezoekers zich naar hun zin niet snel genoeg uit de voeten maken.  Dat hun dorp zonder toeristen geen bestaansrecht heeft, zijn ze vergeten. Mijn advies: bezoek Collonges la Rouge in het vroege voor- of najaar. Minder mensen, minder warm, minder chagrijn van de ‘nieuwe elite’!